Parket & Plankvloeren - Gebruik van bouwdrogers

Tien Gouden Tips

Tip 1

Opgelet! Sommige mensen denken dat hoe meer bouwdrogers er ingezet worden des te sneller hun gebouw droogt. Dit klinkt logisch, maar is absoluut niet waar! Indien men het aantal drogers goed gecalculeerd heeft en de ruimte goed afgesloten is, dan is snellere droging enkel mogelijk door bijverwarming en/of ventilatie.

Tip 2

Indien mogelijk probeert u in uw gebouw de ideale droogtemperatuur te verkrijgen nl. 20C. Hoe warmer het in uw gebouw is, des te sneller verdampt het bouwvocht.
Let op, onder de 7C is bouwdroging niet meer mogelijk, omdat er onder deze temperatuur nauwelijks bouwvocht verdampt uit de bouwmaterialen.

Tip 3

Vraag aan uw chapper met welke materialen hij heeft gewerkt. Bij verse zand-cement beton is het aan te bevelen deze eerst 7 dagen op natuurlijke wijze te laten uitharden.

Tip 4

Indien uw chapper gewerkt heeft met een anhydriet vloeivloer, bent u het best om na 48 uur direct te beginnen met bouwdroging. Dit zal het beste droogresultaat met zich mee brengen. Hoe later men begint, des te langer de droogtijd. Dit i.v.m. de doorgaande kristalvorming bij gipsgebonden vloeren, waardoor de de porin steeds kleiner worden.

Tip 5

Vergeet bij het drogen van chappe nooit een groot aantal luchtwisselingen te creren. Dit kan u doen door gebruik van ventilatoren of bijverwarming. Door dit te doen krijgt men lagere dampdiffusie-waarden van de luchtlaag boven de vloer. Hierdoor vindt er meer verdamping plaats.

Tip 6

Opgepast met het plaatsen van een indirect gestookte kachelsbuitenopstelling indien de luchtvochtigheid van de buitenlucht zeer laag is. Bijvoorbeeld, bij vriesweer mag men deze lucht niet opwarmen om daarna in uw gebouw te jagen. Een te heftige droging kan heel wat nare gevolgen met zich meebrengen. Onder andere loopt u de kans dat de capillaire werking van de ondervloer wordt afgebroken, waardoor het droogproces alleen maar langer zal duren.

Tip 7

Vloeren kunnen pas droog genoemd worden, indien de volgende CM percentages bereikt zijn. Indien de afwerkingslaag dampdoorlatend is, mag een zand-cement chappe niet meer dan 2,5% vocht bevatten. Indien de toplaag dampwerend is, is het niet aan te raden tot plaatsing over te gaan vooraleer we aan 2% vochtgehalte zitten. Mocht u een anhydriet gietvloer geplaatst hebben, houdt u dan rekening met een vochtgehalte van max. 1% bij een dampdoorlatende toplaag en max. 0,5% bij een dampwerende toplaag. Vloeren waar vloerverwarming in verwerkt zit, moeten een nog lager vochtpercentage bevatten.

Tip 8

Indien uw gebouw is opgebouwd uit veel verschillende ruimtes, is het aan te raden ventilatoren te plaatsen. Deze zullen een driedubbel voordeel met zich meebrengen. Enerzijds raakt alle vochtige lucht zo tot bij de bouwdroger en anderzijds wordt de droge lucht die de bouwdroger uitspuwt mooi verdeeld in uw gebouw. De ventilatoren zullen er tevens voor zorgen dat de verdamping uit uw bouwmaterialen sneller plaatsvindt.

Tip 9

Bouwdrogers werken slecht bij lage temperaturen. Hoewel dit voor veel bouwdrogers geldt, is dit zeker niet het geval bij bouwdrogers van het merk DRYFAST. Het sterke punt bij deze drogers is dat bij temperaturen lager dan 16C de condensblok zal bevriezen om deze afhankelijk van de luchtvochtigheid en de temperatuur na ongeveer 30 minuten weer te ontdooien. Op deze manier kan de droger ook bij lagere temperaturen de luchtvochtigheid drastisch naar beneden halen.

Tip 10

Probeer de te drogen ruimte zo goed mogelijk af te sluiten van de buitenlucht. Gebruik indien nodig bouwplastic. Als u gaat drogen met de ramen open, dan bent u de wereld aan het drogen en dit kan niet de bedoeling zijn!

MOCHT U NOG VERDER TIPS EN ADVIES WENSEN BETREFFENDE HET GEBRUIK VAN BOUWDROGERS, DAN RADEN WIJ U AAN CONTACT OP TE NEMEN MET ONS BOUWDROGERSTEAM - www.bouwdroger.com